Het werk van deze veranderlijke Britse kunstenaar is onmogelijk te categoriseren of te definiëren. Dit is trouwens een van de eigenschappen die John Isaacs bewust cultiveert, alsof hij het spoor dat naar hemzelf leidt in een spiegelpaleis probeert uit te wissen. Isaacs produceert zo'n brede waaier aan werken, dat bij vele het gevoel van een erachter schuilende individuele identiteit verloren gaat. Hoe dan ook refereert Isaacs, hetzij rechtstreeks in zijn titels, hetzij in de fysieke uitvoering van zijn werk, altijd aan zijn vorige artistieke creaties of aan die van anderen – zowel werken uit de literatuur, muziek, film als plastische kunsten – ­om de toeschouwer door het labyrint naar de deur te leiden.

In zijn tweede solotentoonstelling in Aeroplastics, is het centrale thema de – zowel emotionele als fysieke – positie van het individu in tijd en ruimte. Een blanco keramieken krant bestrooid met sigarettenpeuken, een druipende schedel waaraan zich stalagmieten vormen als in een grot, een half geschilde aardappel in de vorm van Rodins denker – het zijn allemaal vertrouwde beelden die tegelijk verwarrend zijn door hun bevreemdende presentatie.

Hoewel het werk van Isaacs op het eerste gezicht schokkend en soms tragisch is, wordt het gevoed door een diepgewortelde romantische empathie. Hij richt zich niet op de dingen die ons van elkaar scheiden, maar precies op die dingen die we gemeenschappelijk hebben, maar die gaandeweg ergens verloren gaan.

Het werk van Isaacs is vol van dromen over een wereld waarin het denken actie uitsluit, waarin het protestthema uit het dialectische verdwijnt om plaats te ruimen voor het alledaagse emotionele landschap van het individuele dat verheven is tot het sociale. Kunst is voor Isaacs geen manifestatie van een egotistische creatieve taal of van talent dat verdwaald is in zelfreflectieve abstractie, maar wel de oorsprong van een voortalige relatie waarin de hele mensheid zichzelf kan vinden. Hoewel er vele thema's en vele vormen in de hier tentoongestelde werken te vinden zijn, draait het altijd om een niet aflatende exploratie en onderzoek van de menselijke psyche, van de plaats waar het lichaam en de geest elkaar ontmoeten en waar deze ontdekt dat hij niet alleen is.

De laatste 14 jaar exposeerde John Isaacs overal ter wereld zijn werk in individuele of groepstentoonstellingen. Hij nam onder meer deel aan Wonderful Life, Lisson Gallery, Londen, 1993, Young British Artists IV, The Saatchi Gallery, Londen, 1996, Spectacular Bodies, The Hayward Gallery, Londen, 2000, Century City, Tate Modern, 2001, Mike Kelly – The Uncanny, Tate Liverpool, 2004 en Les Grands Spectacles, Museum der Moderne, Salzburg, 2004. Momenteel werkt hij aan een nieuw boek dat door Other Criteria wordt uitgegeven en neemt deel aan de tentoonstelling "In the darkest hour there may be light – works from the Damien Hirst Collection" in The Serpentine Gallery in Londen. Dit jaar [2007] zal zijn werk te zien zijn op tentoonstellingen in Duitse, Franse en Amerikaanse musea.

Hij leeft en werkt in Berlijn.