THE CLOSEST I EVER CAME TO YOU


Terwijl ik deze nieuwe werken aan het maken was, heb ik geprobeerd om verschillende van de thema's, materialen en onderwerpen die de laatste jaren door mijn werk liepen samen te brengen.


In de eerste plaats handelen de werken 'en masse' over onze plek als individu in de maatschappij - met het soms machteloos makende aspect van onze hedendaagse overdaad - en over de vervagende romantische herinnering aan een vereenvoudigde kijk op de wereld, waarin iemands gevoel van plaats aangeduid werd door de grenzen van persoonlijke visie en lichamelijkheid. Deze herinnering is nu veranderd in een eindeloos web van verbindingen en informatie. Het merendeel daarvan is sterk alomtegenwoordig en volledig toegankelijk, maar toch blijven we toeschouwers van veeleer dan deelnemers aan wat we kunnen weten.


Het is niets nieuws dat onze 'westerse' maatschappij een zekere vorm van achteruitgang kent, dat de economische druk de - vroeger als vanzelfsprekend beschouwde - manieren van leven tot recessie dwingt en dat vele generaties na ons geconfronteerd zullen worden met de gevolgen van ons huidige collectieve onvermogen om als een geheel te handelen. Wat ik met mijn werk hoop te vinden en aan te bieden, is een kader waarin we kunnen loskomen van de gesloten en specifieke aard van de grenzen van ras, geslacht en religie om datgene tot stand te brengen wat de fundamenten van alle dromen over vooruitgang binnen ons bereik brachten maar waarbij we toch onwetend achterbleven over hoe we het moeten gebruiken; namelijk dat we door de combinatie van de geschiedenis en onze hedendaagse informatieniveaus verder kunnen kijken dan onze persoonlijke grenzen. Dat we nu onze inheemse cultuur kunnen overstijgen en gezamenlijk tot een gecombineerde visie kunnen komen, een consensus is meer dan ooit binnen handbereik, hoewel onze geremde aard en ons vertrouwen op de technologie ons natuurlijk machteloos maken. De hedendaagse spanning doet zich voor tussen deze onmacht om onze manier van leven te veranderen - onze dagdagelijkse schuldbewuste medeplichtigheid - en de zeer reële en nabije horizon waarin we ons noodlottige einde zien. Collectief is het menselijke ras als een konijn in de koplampen van een aankomend voertuig. Met dat verschil dat wij, in tegenstelling tot het konijn, het gevaar kennen en dat ons aangeleerd is hoe we de straat moeten oversteken. Ons echte probleem wordt duidelijker wanneer we beseffen dat WIJ zelf dit voertuig bouwden, dat wij zelf met dit voertuig rijden en dat de hel zou losbarsten als we het zouden tegenhouden. En toch komt het recht op ons af, met ons achter het stuur.


'The closest I ever came to you' is de paraplu waarmee je door deze tentoonstelling wandelt. Het is bedoeld als een introductie tot deze uiteenlopende werken die handelen over thema's als twijfel, liefde en hoop, die zowel ambigu als specifiek is. 'The closest I ever came to you' weerspiegelt enerzijds een zeer persoonlijke positie maar zou anderzijds de mensheid in haar totaliteit kunnen omvatten. Een megafoon van bladgoud, een roestig brok monument, een etnische sculptuur waaruit ingewanden puilen, een kar die voortgetrokken wordt door een kinderfiets: ze weerspiegelen allemaal onze dromen en utopieën die gevat zitten in de tijd van hun conceptie en in de tijd van hun sterven.


Ik heb al een hele tijd interesse voor de relatieve toestanden van de evolutie, namelijk dat niets uiteindelijk parallel is. Maar het verrassende is dat onze maatschappijen nog altijd geloven dat we allemaal dezelfde moeten en kunnen zijn. Het is die door onze opvoeding diepgewortelde onwetendheid en arrogantie die doorheen de menselijke geschiedenis liep en vorm gaf aan onze conflicten, vorm gaf aan onze vooroordelen over de 'andere', niet enkel wanneer we hen begroeten, maar ook toen we hen koloniseerden. Net zoals de kolonisator de andere leerde kennen als exotisch en een dominant gezichtspunt en een manier van leven opdrong aan de andere, die zwakker was en geen weerstand kon bieden, zo is dit model pervers en gereproduceerd in de mechanismen van de handel. De stuitende waarheid is dat we na alle sprongen van politieke correctheid nog altijd niet in staat zijn om te aanvaarden dat het verschil eigenlijk de sleutel is om elkaar te begrijpen; dat we inderdaad iedereen kunnen omhelzen zonder oordeel of schuld en samen kunnen vooruitgaan terwijl we genieten van en genoegen vinden in onze schaduwen en vormen, die bewegen en slapen op hetzelfde ritme, ongeacht de geloofsovertuigingen.


Deze expositie, mijn derde bij Aeroplastics, is een open vraag, geen preek. De werken staan voor u als ademloze, schuldbewuste boodschappers. Ze hebben zo een lange reis door de tijd gemaakt tot aan uw deur dat ze de originele 'boodschap' allang vergeten zijn. Ze vertrouwen enkel op uw gastvrijheid, uw intelligentie en uw gave om de tijd te nemen om de blik in hun gezichten te interpreteren.


John Isaacs




November 2011